Toepassing Verklaring arbeidsrelatie (VAR)

Belastingdienst/Centrum voor proces- en productontwikkeling, domein belastingen op arbeid en vermogen

 

Besluit van 16 april 2002, CPP2002/690M

 

De directeur-generaal Belastingdienst heeft namens de staatssecretaris van Financiën het volgende besloten.

Inleiding

Sinds 1 januari 2001 is het voor een belastingplichtige mogelijk om in een voor bezwaar vatbare beschikking zekerheid te krijgen over de fiscale kwalificatie van het inkomen uit een arbeidsrelatie. De zogenoemde “Verklaring arbeidsrelatie” is geregeld in artikel 3.156 van de Wet inkomstenbelasting 2001. Voor de aanmerkelijk belanghouder geldt vanaf 1 januari 2002 een soortgelijke regeling. Dit is geregeld in artikel 3.157 van de Wet inkomstenbelasting 2001. De verklaringen op basis van beide regelingen worden hierna aangeduid met VAR.

Voor de premieheffing werknemersverzekeringen is in de artikelen 4 en 6a van de Werkloosheidswet (WW) ,van de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) en van de Ziektewet (ZW), via artikel 4a van de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (WAZ) een koppeling met de VAR gemaakt.

De VAR is met name bedoeld om aan opdrachtgevers duidelijkheid te geven of zij over de vergoeding aan de opdrachtnemer loonbelasting/premie volksverzekeringen (hierna: loonheffing) en premies werknemersverzekeringen moeten inhouden en afdragen.

In onderdeel 1. van dit besluit geef ik aan welke gevolgen een opdrachtgever aan een door de opdrachtnemer overgelegde VAR mag verbinden. In onderdeel 2. van het besluit geef ik aan wanneer de opdrachtgever van een artiest of beroepssporter op grond van een overgelegde VAR kan afzien van de inhouding en afdracht van loonheffing en premies werknemersverzekeringen. In onderdeel 3 wordt aangegeven wanneer de VAR geen rechtskracht toe kan komen.

1.         Zekerheid voor de opdrachtgever

De VAR kan door de opdrachtnemer aan zijn opdrachtgever worden overhandigd. Met deze VAR kan de opdrachtgever bepalen wat de gevolgen voor de loonheffing en de premieheffing werknemersverzekeringen zijn van de arbeidsrelatie die hij is aangegaan met een opdrachtnemer. De inhouding en afdracht van loonheffing kan gedurende de geldigheidstermijn van de VAR achterwege blijven als de opdrachtnemer geen artiest of beroepssporter is en de VAR vermeldt dat:

-     de opdrachtnemer de inkomsten geniet als winst uit onderneming,

-     de opdrachtnemer de inkomsten geniet als resultaat uit overige werkzaamheden, of dat

-     de werkzaamheden worden aangemerkt als werkzaamheden uitsluitend verricht voor rekening en risico van een onderneming van een vennootschap waarin de opdrachtnemer een aanmerkelijk belang heeft.

 

Als de VAR vermeldt dat:

-     de opdrachtnemer de inkomsten geniet als winst uit onderneming, of dat

-     de werkzaamheden worden aangemerkt als werkzaamheden uitsluitend verricht voor rekening en risico van een onderneming van een vennootschap waarin de opdrachtnemer een aanmerkelijk belang heeft,

 

dan geldt de verklaring tevens voor de toepassing van de WAZ en hoeven gedurende de vermelde geldigheidstermijn van de VAR geen premies werknemersverzekeringen afgedragen te worden.

 

De opdrachtgever doet er in deze gevallen verstandig aan in de administratie een kopie van de VAR, samen met de ontvangen facturen, als bewijsmiddel te bewaren.

2.         Zekerheid voor de opdrachtgever van artiesten en beroepssporters

De Belastingdienst kan thans aan een artiest en een beroepssporter (als bedoeld in artikel 5a van de Wet op de loonbelasting 1964) die in Nederland woont op zijn verzoek een zogenoemde zelfstandigheidsverklaring afgeven. In deze verklaring geeft de Belastingdienst aan dat de werkzaamheden als artiest of beroepssporter in de uitoefening van een bedrijf of in de zelfstandige uitoefening van een beroep worden verricht. Als de artiest of beroepssporter in het bezit is van deze zelfstandigheidsverklaring hoeft de opdrachtgever geen loonheffing in te houden (zie artikel 5a, tweede lid, onderdeel a, van de Wet op de loonbelasting 1964).

Het voornemen bestaat om de specifieke zelfstandigheidsverklaring voor artiesten en beroepssporters met ingang van 1 januari 2003 te laten vervallen. Tot die tijd kan deze zelfstandigheidsverklaring beschouwd worden als een VAR met het oordeel winst uit onderneming.

 

Een opdrachtgever kan bij een opdrachtnemer die artiest of beroepssporter is de inhouding en afdracht van loonheffing en premies werknemersverzekeringen gedurende de geldigheidstermijn van een VAR achterwege laten, als het in de VAR vermelde adres van de opdrachtnemer in Nederland is gelegen en de VAR vermeldt dat:

-     de opdrachtnemer de inkomsten geniet als winst uit onderneming, of dat

-     de werkzaamheden worden aangemerkt als werkzaamheden uitsluitend verricht voor rekening en risico van een onderneming van een vennootschap waarin de opdrachtnemer een aanmerkelijk belang heeft.

 

De opdrachtgever doet er ook in dit geval verstandig aan in de administratie een kopie van de VAR, samen met de ontvangen facturen, als bewijsmiddel te bewaren.

3.         Situaties waarin de VAR geen rechtskracht toekomt

Indien het de opdrachtgever redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat de kwalificatie van de arbeidsrelatie zoals opgenomen in de VAR niet van toepassing kan zijn, komt de VAR geen rechtskracht toe. Dit kan zich voordoen als de opdrachtgever weet dat de feiten en omstandigheden op basis waarvan de VAR is aangevraagd niet (meer) van toepassing zijn op de arbeidsrelatie. De opdrachtgever zou immers niet te goeder trouw zijn als hij, terwijl hij zich er van bewust is dat hij een dienstbetrekking is aangegaan, de loonheffing achterwege laat enkel en alleen op grond van de getoonde VAR. Het ligt op de weg van de inspecteur deze bewustheid bij de opdrachtgever aan te tonen. Hieraan is bijvoorbeeld voldaan vanaf het moment dat de opdrachtnemer bij de opdrachtgever een aanstelling als ambtenaar heeft gekregen of de inspecteur eerder gemotiveerd aan de opdrachtgever heeft meegedeeld dat die arbeidsrelatie een dienstbetrekking is.

4.         Slot

Dit besluit is afgestemd met Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv).