FinanciŽle tegemoetkoming aan asbestslachtoffers

Belastingdienst/Centrum voor proces- en productontwikkeling, domein belastingen op arbeid en vermogen

 

Besluit van 5 december 2001, nr. CPP2001/2145M

 

De directeur-generaal Belastingdienst heeft namens de staatssecretaris van FinanciŽn het volgende besloten.

 

Dit besluit is een herziene versie van het besluit van 26 maart 2001, nr. CPP2001/597M. Het besluit is herzien in verband met de vervanging van de gulden door de euro per 1 januari 2002 en bevat geen inhoudelijke wijzigingen.

1.†††††††† Inleiding

Met ingang van 26 januari 2000 zijn twee financiŽle maatregelen ingegaan ten behoeve van asbestslachtoffers. Op basis van deze maatregelen kunnen werknemers die door langdurige blootstelling aan asbest lijden aan ernstige ziekten (zoals maligne mesothelioom), aanspraak maken op een financiŽle tegemoetkoming in de schade. In een aantal situaties kunnen ook de nabestaanden van asbestslachtoffers aanspraak maken op een financiŽle tegemoetkoming. Dit Besluit beschrijft de fiscale gevolgen hiervan.

 

Daartoe wordt in onderdeel 2 van dit Besluit eerst een korte algemene toelichting gegeven op de bedoelde maatregelen voor asbestslachtoffers. In onderdeel 3 komen de gevolgen voor het schenkings- en successierecht aan de orde. Onderdeel 4 gaat in op de gevolgen voor de loon- en inkomstenbelasting.

2.†††††††† Toelichting financiŽle maatregelen asbestslachtoffers

2.1.†††††† Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers

De staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft de Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers getroffen (hierna te noemen: de regeling). De regeling voorziet in een eenmalige uitkering van Ä 15.882,31. De uitkering strekt tot tegemoetkoming in immateriŽle schade en is bestemd voor hen die langs burgerrechtelijke weg geen schadevergoeding kunnen krijgen omdat een aansprakelijke werkgever ontbreekt. Deze is onvindbaar of failliet of niet meer aansprakelijk te stellen omdat de verjaringstermijn verstreken was voordat het slachtoffer bekend kon zijn met de schade.

 

De Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers wordt uitgevoerd door de Sociale Verzekeringsbank en is in werking getreden met ingang van 26 januari 2000.

2.2.†††††† Instituut Asbestslachtoffers

De bij de asbestproblematiek betrokken instellingen en organisaties hebben een convenant gesloten ter oprichting van het Instituut Asbestslachtoffers (hierna te noemen: het instituut). Ter voorkoming van langdurige juridische procedures kunnen werknemers met een verhaalbare vordering gebruik maken van de bemiddeling van het instituut. Het instituut bemiddelt tussen asbestslachtoffers en hun werkgevers/verzekeraars op basis van een volmacht, gericht op het treffen van een schikking. Bij gegrondheid van de claim bedraagt de eenmalige uitkering voor immateriŽle schade Ä 40.840,22. Voor materiŽle schade wordt uitgegaan van een forfaitair bedrag van Ä 4.537,80. De door bemiddeling van het instituut uit te keren bedragen zijn vanaf 1 januari 2000 geÔndexeerd.

 

Het Instituut Asbestslachtoffers is operationeel geworden op 26 januari 2000.

3.†††††††† Schenkings- en successierecht

Over de hiervoor genoemde bedragen is geen schenkingsrecht verschuldigd. Over de eenmalige uitkering aan de nabestaande(n) van het asbestslachtoffer is evenmin successierecht verschuldigd. Een andere situatie doet zich voor als de uitkering ten tijde van het overlijden al toegekend was. De uitkering heeft dan deel uitgemaakt van het vermogen van de overledene, waardoor ze wordt betrokken in het successierecht dat over de nalatenschap kan zijn verschuldigd.

4.†††††††† Loon- en inkomstenbelasting

4.1.†††††† Tegemoetkoming in immateriŽle schade

De in de onderdelen 2.1 en 2.2 genoemde uitkeringen van Ä 15.882,31 en Ä 40.840,22 worden toegekend aan werknemers, die bij de uitoefening van hun werkzaamheden langdurig aan asbest zijn blootgesteld en bij wie maligne mesothelioom is vastgesteld. Deze uitkeringen zijn geheel toe te rekenen aan de geleden immateriŽle schade en vinden naar mijn oordeel niet zozeer hun grond in de dienstbetrekking dat zij als loon uit dienstbetrekking zijn aan te merken. Verder is niet gebleken van bijzondere omstandigheden, zoals bepaalde afspraken in de arbeidsovereenkomst. Ook overigens behoort de eenmalige uitkering niet tot het inkomen uit werk en woning.

4.2.†††††† Tegemoetkoming in materiŽle schade

De in onderdeel 2.1 genoemde Regeling tegemoetkoming asbestslachtoffers voorziet niet in een vergoeding van materiŽle schade.

 

In de in onderdeel 2.2 beschreven situaties wordt bij bemiddeling van het Instituut Asbestslachtoffers wel een vergoeding voor materiŽle schade uitgekeerd. Werknemers met een verhaalbare vordering ontvangen voor materiŽle schade in beginsel een vast bedrag van Ä 4.537,80. Blijkens het convenant tot oprichting van het Instituut Asbestslachtoffers gaat het daarbij voor de helft om een tegemoetkoming in de kosten die een derde ten behoeve van het slachtoffer heeft gemaakt (artikel 6:107 BW). De andere helft ziet op de begrafeniskosten en op de schade die bepaalde personen lijden in de situatie dat de overledene bijdroeg aan hun levensonderhoud (artikel 6:108 BW). Alle omstandigheden in aanmerking genomen keur ik mede uit praktische overwegingen voor zoveel nodig goed dat deze forfaitaire vergoedingen niet van invloed zijn op de bestaande aftrekmogelijkheden in de sfeer van de persoonsgebonden aftrekposten. Deze goedkeuring geldt niet als een hogere vergoeding wordt betaald dan het genoemde bedrag, bijvoorbeeld in de situatie dat de belanghebbende jegens het instituut hogere kosten aannemelijk heeft gemaakt.

5.†††††††† Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2002.

6.†††††††† Vervallen besluit

Het besluit van 26 maart 2001, nr. CPP2001/597M vervalt per 1 januari 2002.